Gaudí in Barcelona: de magie achter zijn prachtige gebouwen
Als je door Barcelona loopt kun je niet om Gaudí heen. Zijn stijl, zijn fantasie en zijn eigenzinnige wereldbeeld zie je op zoveel plekken terug dat je bijna vergeet dat één man dit allemaal heeft ontworpen. Je voelt overal zijn creativiteit, alsof hij nog steeds door de straten van de stad wandelt.
De Sagrada Família is natuurlijk het grootste voorbeeld van zijn werk. Het moment dat je binnenkomt voelt alsof je een bos binnenstapt dat van licht is gemaakt. De hoge zuilen, het spel van kleuren en de vormen die voortdurend lijken te bewegen geven de basiliek iets levends. Het mooie is dat het gebouw nog steeds in aanbouw is en toch voelt het alsof het precies klopt.
Ook Park Güell laat prachtig zien hoe Gaudí dacht. Geen rechte lijnen, alles volgt de natuur, alles is speels en doordacht. Als je op het bekende bankje zit en uitkijkt over de stad voel je hoe Barcelona aan je voeten ligt.
Casa Batlló en Casa Milà zijn twee plekken waar je Gaudí’s fantasie bijna kunt aanraken. De kleuren, de vormen en het gebruik van licht en ruimte zijn zo uniek dat je blijft kijken. De daken lijken sculpturen, de gevels golven als water en zelfs de kleinste details lijken met zorg te zijn bedacht.
Wat mij vooral raakt aan Gaudí is hoe hij de stad mooier heeft gemaakt zonder dat het opschepperig wordt. Zijn kunst gaat op in het leven van Barcelona. Je loopt er zomaar langs en ineens valt je oog op iets dat je eerder niet zag. Een detail, een tegel, een vorm. Gaudí leeft nog steeds in elke hoek van Barcelona en dat maakt de stad echt uniek.





